Producten voor auto's / bestelwagens / 4x4

stage_image1_lg

Why Continental

Veiligheidsinstructie voor Bandmontage

Voor Continental personenwagen- en bestelwagenbanden

Deze veiligheidsinstructie voor het monteren van banden is geldig voor alle merken van Continental AG en is niet bedoeld als trainings- of servicehandleiding voor het monteren van banden. Laat deze taken over aan gekwalificeerde professionelen in bandenservice.

Tire Mounting Safety Instruction - exclamation mark

VEILIGHEIDSWAARSCHUWING!

Banden op velgen monteren kan gevaarlijk zijn.

De montage van banden mag enkel uitgevoerd worden door een gekwalificeerde bandenprofessioneel.

Voer nooit bandenservice-handelingen uit zonder degelijke training, materiaal en uitrusting. Pogingen om banden te monteren met onjuiste, beschadigde of onvoldoende tools en/of het toepassen van foutieve handelingen kan resulteren in het ontploffen van een band hetgeen kan leiden tot lichamelijke letsels of de dood.

Lees, begrijp en respecteer altijd de waarschuwingen van fabrikanten in gebruikershandleidingen, op de uitrusting, vermeld op websites en/of gedrukt op de flank van de band.

Blaas nooit een onbewaakte band op. Sta, leun of reik nooit over een band-velg combinatie tijdens het opblazen. Hou voldoende afstand van elke band die opgeblazen wordt met inachtname van de lokale omstandigheden. 

Voorzie geschikt persoonlijk beschermingsmateriaal zoals veiligheidsbril, gehoorbescherming en veiligheidsschoenen.

Voor jouw persoonlijke veiligheid en die van anderen:

Algemene beschouwingen:

  • Banden moeten overeenstemmen met de vereiste breedte en diameter van de velgen en goedgekeurd zijn als combinatie voor het betreffende voertuigmodel. Zo mogen bijvoorbeeld 17 inch banden enkel gemonteerd worden op 17 inch velgen, en niet op 17.5 inch velgen. Wanneer een band foutief gemonteerd is op een onjuiste velgmaat, hermonteer deze dan niet op een juiste velg, maar vernietig deze. Deze kan namelijk intern beschadigd zijn (niet zichtbaar van buitenaf) door gevaarlijk te zijn gerokken geweest en zou kunnen stukgaan bij het monteren of in gebruik.
  • Gebruik enkel velgen van de juiste maat in goede, propere staat en vrij van roest of corrosie. Deze mogen niet beschadigd, vervormd of versleten zijn.
  • Banden mogen niet beschadigd zijn en de binnenkant mag geen vreemd materiaal bevatten.
  • Gebruik steeds nieuwe tubes bij het monteren van nieuwe tube-type banden. Door het uitrekken van tubes in gebruik kunnen er vouwen ontstaan, waardoor herbruikte tubes plots kunnen scheuren.
  • Tubeless banden mogen enkel gemonteerd worden op velgen bestemd voor tubeless banden zoals velgen met een veiligheidsbed of -richel.
  • Om veiligheidsredenen moeten tubeless banden steeds gemonteerd worden met nieuwe ventielen. Gelieve de maximaal toegestane drukken voor ventielen te respecteren zoals aangegeven in de specificaties van de ventielfabrikanten – gebruikelijk 450 kpa (4,5 bar) / 65 psi voor snap-in rubber ventielen. Voor hogere drukken zijn metalen ventielen of hogedruk snap-in ventielen verplicht.
  • Wanneer een Bandendruk Monitoring Systeem (TPMS) wordt gebruikt, gelieve dan de aanbeveling van de fabrikant te volgen of de sensor al dan niet vervangen moet worden bij het wisselen van een band.

Demontage van een band:

  • Het ventiel-interieur moet losgeschroefd en verwijderd worden alvorens een band van de velg te halen, zodat de nog aanwezige druk volledig kan ontsnappen.

Montage van een band:

  • Gelieve de hielen van de band en de velg steeds in te smeren met een toegestaan bandsmeermiddel alvorens te monteren. Smeermiddelen op basis van silicone, petroleum of solvent mogen hiervoor niet gebruikt worden.
  • Bij het opblazen van de band, moet de velg stevig op het montagetoestel zitten.
    Wanneer de band gemonteerd worden op een toestel zonder een positieve lock-down om de velg vast te houden, moet het opblazen gebeuren in een veiligheidskooi of dergelijke.
  • Stop nooit brandbare substanties in band/velg combinaties. Steek nooit brandbare substanties aan in een band/velg combinatie om de hielen te zetten. Deze praktijk is uiterst gevaarlijk en kan ook onzichtbare schade veroorzaken aan band of velg hetgeen kan leiden tot het falen van de band in gebruik.
  • Bij het monteren van tubeless banden moet er op gelet worden dat de hielen vanuit het diepbed eerst over de hump in de schouder van velg springen. Om scheuren in de hielkern te voorkomen, mag de “springdruk” nooit hoger zijn dan 330 kpa (3,3 bar / 48 psi). Wanneer de band bij deze druk niet op z’n plaats springt, moet men de lucht laten ontsnappen en de oorzaak achterhaald en verwijderd worden. Daarna kan de procedure herhaald worden.
  • Enkel wanneer de hielen correct op de velgschouder zitten, mag de druk verhoogd worden om de best mogelijk hielzit en plaatsing op de velgrand te garanderen. Deze “zetdruk” mag echter nooit hoger zijn dan 400 kpa (4.0 bar) / 58 psi.
  • Voor sommige landen werden er verschillende maximale montagedrukken uitgevaardigd door de resp. lokale standaardisatie-organisaties. Gelieve onderstaande tabel in acht te nemen met voorbeelden van sommige landen voor het respecteren van lokale normen (status van juli 2018, geen garantie op volledigheid, actualiteit of juistheid).

Land

Maximale Montage Druk

Norm

Duitsland

Springdruk: 330 kpa (3,3 bar) / 48 psi
Zetdruk: 400 kpa (4,0 bar) / 58 psi

WDK

USA/CAN

275 kpa (2,75 bar) / 40 psi

RMA/USTMA

Brazilië

275 kpa (2,75 bar) / 40 psi

ALAPA

Japan

300 kpa (3,0 bar) / 44 psi

JATMA


  • Wanneer de band correct gemonteerd is, pas dan de druk aan naar de gebruiksdruk opgegeven door de voertuigfabrikant.

Run Flat banden (SSR):

  • Door de speciale gebruikte technologie mogen SSR Runflat-banden enkel gemonteerd en gedemonteerd worden door specifiek getrainde werkplaatsen dewelke gecertifieerd werden door Continental. Gedetailleerde montage-instructies en -videos voor SSR Runflat-banden zijn beschikbaar op www.conti-ssr.com.


Contact:

Technical Customer Services Tires

Email: technical.bulletin.tires@conti.de